Gisteren zijn we aangekomen in Bandung, de stad waar mijn vader is geboren. We zijn met de bus vanuit Bogor gekomen, een reis die 3,5 uur duurde, maar dik in orde was want we hadden airconditioning. Een klein Indonesisch meisje heeft de hele reis gefascineerd naar Lucas gekeken en wilde uiteindelijk toch wel graag met hem op de foto. Het blijft een vreemde gewaarwording, al die starende ogen.
Eenmaal in Bandung werden we van alle kanten besprongen door mannen die ons wel naar het hotel wilden brengen. In de boekjes lazen we over allerlei betrouwbare taximaatschappijen, deze mannen stonden zeker niet in dat lijstje, maar we lieten ons uit gemak toch door één van hen naar zijn busje leiden. Na een stevige prijsonderhandeling stapten we in een zwarte bus, althans dat wat er van over was. De uitlaat was lek, Lucas zijn raam had geen hendel, er druppelde water bij mij en Corrie op schoot en Lucas kon de weg zien tussen zijn voeten. We vonden dat je zoiets ook mee moest maken hier en accepteerden ons lot.
(Overal zie je mensen die hun best doen om wat geld te verdienen. Schoonmaakdoekjes verkopen tussen auto's op de snelweg, tuingereedschap verkopen aan de straatkant, hapjes verkopen in de bus of mensen vervoeren in een busje die je bij ons alleen op de sloop tegenkomt. Die bedrijvigheid heeft iets heel moois, maar soms ook iets verdrietigs.)
Het was nog een beetje gedoe om het juiste hotel te vinden, maar eenmaal aangekomen wachtte een hele aardige jongen ons op en bracht ons naar de kamers. 's Avonds in een leuk restaurant een heerlijke rijsttafel gegeten (het eten is hier tot nu toe heerlijk) en vroeg naar bed.
Vandaag maakten we een jalan-jalan, een wandeling, door het oude centrum van Bandung. Tussen de enorme gebouwen, honderden voorbij razende auto's en scooters vonden we het kleine Tourist Information Centre. Een bijna tandeloze vriendelijke man (die we nu 'de rijstkorrel' noemen vanwege een rijstkorrel die continue aan zijn lip bleef hangen) hielp ons met het boeken van de excursie die we morgen doen. Als hij tijd had, ging hij ook mee. Toen we weggingen bleef hij maar roepen: 'poorzichtig hoor, poorzichtig poor zakkenrollers'.
Nadat we al veel hadden gelopen besloten we met een 'groen busje' terug te gaan naar ons hotelletje. Het was zo'n zelfde soort busje als eerdergenoemd zwart busje. Deze had alleen als extraatje geen deur. Indonesiërs gebruiken mondkapjes tegen het inademen van de uitlaatgassen, wij onze sjaals.
Tegen de avond begon het hard te regenen. We moesten nog eten, maar wilden niet in de regen op zoek naar een restaurant dus besloten we op dezelfde plek te eten als gister. Deze keer wilden we alleen wel wat anders eten dan eerder en zo verwarde ik per ongeluk het Indonesische woord voor geit (kambing) met dat voor kat (kucing) en hadden we bijna katten-sateh op ons bord liggen...
Nu dus zoals gepland aangekomen in Bandung. Jullie doen het allemaal geweldig met zijn viertjes zeg, niks luxe taxi maar in een bus waar je in Holland niet in zou stappen. En dan "stevig onderhandelen"dat doet je pa dan toch maar! (heeft de tip van Herman waarschijnlijk geholpen hoe te tawarren).tjempol! Morgen dus op excursie, we zijn benieuwd naar het verhaal en de foto's.
BeantwoordenVerwijderenHey Steph!
BeantwoordenVerwijderenLeuk om te lezen allemaal! Jullie maken nogal wat mee :) Echt gaaf, hoop het ooit ook te kunnen zien. Superleuk dat je een blog bijhoudt, blijf ik zeker volgen. Tot snel en geniet van alles wat je meemaakt!!
Liefs, Herma
Wat een gave reis zo te lezen!
BeantwoordenVerwijderenErg fijn leesmateriaal :)
Veilige reis en geniet-ze!
Groetjes
Franka